Inloggen

Landbezit van Middeleeuwse boeren

Moderators: Administrators Lezers: Gasten

Nieuw topic Antwoorden
 


Landbezit van Middeleeuwse boeren
door Saskia Roselaar

In dit artikel wordt ingaan op landbezit in de middeleeuwen, met name in Engeland. Daarover is namelijk het meeste bekend.

_________________________________________________________________________________

Het belangrijkste bezit van een boer is natuurlijk zijn grond. In de middeleeuwen waren veel boeren echter geen eigenaar van het land dat ze bewerkten. In Engeland was een ingewikkeld systeem van landbezit ontstaan, waarbij het meeste land eigendom was van heren. Boeren pachtten meestal een stuk land van de heer, in ruil waarvoor ze een deel van de oogst moesten afstaan.

De hoogte van de huur was vaak afhankelijk van de schaarste aan land. In perioden waarin de bevolking klein was, waren de eisen die aan de boeren gesteld werden vaak niet hoog. De heren wilden zorgen dat de boeren op hun land bleven werken, en dus vroegen ze een lage huur en waren soepel als de boeren die niet konden betalen. Als de bevolking steeg, werden de eisen van de heren strenger. Als een boer niet kon betalen, kon een heer makkelijk een andere pachter vinden en werd de boer die niet aan zijn verplichtingen kon voldoen simpelweg voor een andere verruild.

In Engeland werd het land bewerkt in zogenaamde ‘common lands’, oftewel algemeen land. Dit betekende echter niet dat al het land als algemeen bezit beschouwd werd. Om te beginnen pachtte iedere boer een huisje en een klein stukje land daaromheen, waar hij een groentetuin had. Daarnaast pachtten de meeste boeren een aantal kleine stukjes land van de heer. Vaak konden de stukjes land van één boer door het hele dorp verspreid liggen, wat een boel wandelen tussen alle stukken tot gevolg had. Op dit land verbouwden de boeren gewassen zoals verschillende soorten granen en bonen, en voedergewassen voor het vee, zoals klaver. Meestal gebeurde dit met een rotatiesysteem, waarbij elk jaar een ander gewas op het land verbouwd werd, of land braak lag. Als ieder jaar hetzelfde gewas wordt verbouwd, raakt land snel uitgeput en door land braak te laten liggen kan het land zich weer herstellen. Natuurlijk is het nogal inefficiënt om elk jaar de helft van het land braak te laten liggen. Een belangrijke ontwikkeling in de dertiende eeuw was daarom de ontwikkeling van rotatiesystemen met meer variatie, bijvoorbeeld met drie of vier verschillende gewassen. In het eerste jaar verbouwde men bijvoorbeeld graan, het tweede jaar bonen, het derde een voedergewas, en in het vierde jaar lag het land braak.

Elke boer bewerkte dus zijn eigen stukjes land. Alleen in de oogsttijd werkte iedereen samen. Men oogstte het graan van alle stukken land tegelijk. Daarna kreeg iedere boer de opbrengst van zijn eigen land terug om het verder te verwerken. Na de oogst mocht het vee grazen op de geoogste velden. Het vee kon dan de achtergebleven sprieten opeten, terwijl ze tegelijk het land bemestten met hun uitwerpselen.

Behalve de landbouwgronden, die in zekere zin ‘algemeen bezit’ waren, maar in feite door één persoon bebouwd werden, was er ook land dat door niemand geclaimd werd. Dit was meestal land dat niet geschikt was voor landbouw, bijvoorbeeld moeras of bos. Zulk land werd voor allerlei doelen gebruikt. Men kon er wilde gewassen verzamelen, zoals bessen. Ook mocht men er hout hakken, en men kon er vee laten lopen. Sommige soorten vee werden simpelweg losgelaten op het land, zonder dat er een herder nodig was. Koeien en varkens bijvoorbeeld hoefden niet te worden gehoed. Schapen en geiten daarentegen werden in kuddes gehoed. Meestal werden de dieren van alle dorpelingen in één kudde verzameld, die onder leiding van een herder stond.

Als de bevolking groeit, neemt de vraag naar land meestal toe. Mensen die in zo’n situatie al land hebben, willen hun rechten op dit land verstevigen. Land dat publiek bezit is, wordt geprivatiseerd door de mensen die er rechten op hebben. Mensen die eerder geen officiële rechten, maar alleen gewoonterecht op land hadden, blijven vaak met lege handen achter. Dit is ook wat er gebeurde in laatmiddeleeuws Engeland. In de vijftiende eeuw steeg de bevolking van Engeland snel, waardoor steeds meer mensen op zoek waren naar een stukje land. De heren die eigenaar waren van het land, werden steeds strenger tegen hun pachters. Wie zijn pacht niet kon betalen, werd van het land gezet en verruild voor een ander. Tegelijkertijd werd steeds meer publiek land geprivatiseerd. Veel heren verdreven al hun pachters, en besloten hun werk voortaan met betaalde arbeiders te bewerken. Sommige voormalige pachters konden werk vinden als arbeiders op het land, maar omdat land dat in grote eenheden bewerkt werd, veel efficiënter bebouwd kon worden dan kleine stukjes, waren er minder arbeiders nodig dan in het oude systeem, zodat veel voormalige pachtboeren geen werk konden vinden.

Soms werd het land geprivatiseerd door iedere pachtboer een klein stukje land in privé-eigendom te geven, en de pacht af te schaffen. Vaak werd het onvruchtbare weide- en hakhoutland niet geprivatiseerd, maar verloren de boeren simpelweg het recht om dit land te bebouwen. Zulk soort land was echter van onmisbaar belang voor veel boeren. Met alleen een klein stukje privé-grond konden ze niet genoeg voedsel verbouwen om te overleven. Ze hadden geen plaats meer om vee te weiden, en daardoor ook geen mest meer voor hun landbouwgrond. De privatisering van algemeen land in Engeland zorgde dus voor problemen voor veel boeren. Voor velen waren de kleine stukjes land te klein om van te leven. Zij besloten ze te verkopen en naar de steden te trekken om daar werk te zoeken.

Over de ontwikkelingen in Engeland is het meest bekend, maar ook in andere Europese landen vonden soortgelijke ontwikkelingen plaats in de late middeleeuwen. Niet alle landen hadden hetzelfde systeem van landbezit als in Engeland, maar in de meeste landen bestonden in ieder geval onvruchtbare gronden, die gebruikt werden als algemene weidegronden en hakhoutbossen. En ook in andere landen, zoals Duitsland en de Nederlanden, werden zulke algemene gronden steeds meer geprivatiseerd. In de dertiende eeuw echter speelden zulke problemen nog geen grote rol, dit was namelijk een periode van grote economische bloei en welvaart voor de meeste boeren.


Bronvermelding:
- http://www.redwulf.info/rural/index.html
- Backhouse, J., Medieval life in the Luttrell Psalter (Toronto 2000).
- Gies, F.& J. Gies, Life in a Medieval Village (New York 2001).
_________________________________________________________________________________

  Willeke Laatst gewijzigd: Za, 4 maa, 14:47
 
Nieuw topic Antwoorden
 
Bataille 2017